Dag 5 en 6 De eerste rit door de noorderlijke Ardennen.

De rustdag is verder redelijk rustig verlopen. Aan het eind van de dag kwam ik in gesprek met een man, die me vertelde over Henri Nouwen. Een theoloog die aan twee topuniversiteiten in Amerika les gaf, waaronder Harvard. Deze Henri Nouwen, was een groot bewonderaar van Rembrandt. Op een zeker moment in zijn leven, kreeg hij de gelegenheid om in zijn eentje het schilderij “De verloren zoon” te zien in de Hermitage te Rusland. Nadat hij uren naar het schilderij had gekeken, besloot om zijn functies neer te leggen en geestelijk gehandicapten te gaan helpen in een tehuis in Toronto. Ook liet hij het schilderij zien, en de symboliek waar ik normaal overheen zou kijken: De vader heeft een mannelijke en een vrouwelijke hand. En de rechterhand was de vrouwelijke hand. ls de vader God voorstelt, dan is in het schilderij de vrouw de rechterhand van God. Dat was aardig vooruitstrevend voor die tijd. Het deed me in ieder geval anders denken over kunst. Niet alleen mooi, maar soms ook vol boodschappen die de schilder, dichter of kunstenaar mee wil geven.

Dag 6:
Vandaag verlaat ik Nederland, en ga via de route “Oude wegen en steden” op weg. Het eerste deel is een makkie. De Bemelerberg, die ik twee dagen geleden piepend en krakend beklommen heb, kan ik nu afdalen. Kost aanzienlijk minder energie. (Nou weet ik weer waarom ik skiën zo leuk vind. Je wordt omhoog gebracht en de zwaartekracht brengt je weer naar beneden. Je hoeft alleen maar uit te kijken dat je daar heelhuids aankomt). Op naar Maastricht.
In Maastricht aangekomen, pauzeer ik even bij de Sint Servaaskerk. Daar ontmoet ik Tessa Reporter. Ze maakt een filmpje van Gaea, en stelt wat vragen. Als het goed is, kun je dit interview zien via Youtube.

Dan Maastricht uit .Langs de Maas, vlakke weg, wat dreigende bewolking, maar gelukkig geen regen. Zo fietsen Gaea en ik in een redelijk tempo naar Eijsden. En daar……. begint het klimwerk. Eerst wat kortere heuvels, die volgens mij steeds hoger worden en de klimmen steeds langer. En de temperatuur stijgt met het klimmen mee. Maar met de nodige stops, en Gaea die bergop naast de fiets loopt is het goed te doen. Zo rijden we omstreeks 16.30 uur het dorpje Cermont in België binnen. Hier kan ik gratis in de parochie overnachten. Dus niet!
Zodra ik aankom, loop ik naar de stadspoort waar het briefje hangt met het telefoonnummer, en bel deze. Geen contact. Ik loop naar het café en vraag of zij iets weten van de beheerder va het gebouw. Die zou er moeten zijn volgens hen, maar ze proberen hem te bellen. Geen contact. Dus ik dacht: Gratis overnachting, hoef niet meer te fietsen, het is warm, dus een goed excuus voor een koud biertje.Zodra ik aankom, loop ik naar de stadspoort waar het briefje hangt met het telefoonnummer, en bel deze. Geen contact. Ik loop naar het cafe en vraag of zij iets weten van de beheerder va het gebouw. Die zou er moeten zijn volgens hen, maar ze proberen hem te bellen. Geen contact. Dus ik denk: Gratis overnachting, hoef niet meer te fietsen, het is warm, dus een goed excuus voor een koud biertje. Daarna nog maar weer brllen maar geen gehoor. Ondertussen is dat heerlijke koude biertje op, en…de dorst is nog steeds niet over, en het is nog steeds warm. En aangezien ik toch moet wachten, kan er nog wel een koud biertje af. Ook kun je als pelgrim een Plat du Jour de Renouveau bestellen. Ik denk gratis overnachting, dus moet een keer kunnen. Zeker omdat er in de weidse verte geen winkel te bekennen is. Net ls ik het eten besteld heb, krijg ik een plaatsvervangend beheerster aan de lijn. Ik kan slapen in het parochiegebouw, maar de hond niet. Ook mag ik geen tentje opzetten in de tuin.
Oke?????? Wat nu, het is al bijna 8 uur, en ik fiets liever niet in de schemer. Toch maar even het eten opeten en ondertussen navragen bij de plaatselijke bevolking, er zijn er 12, ik verwacht de helft van het inwonertal van Clermont, of er in de buurt een camping is. Ja, de dichtsbij gelegen camping is 15 km daar vandaan. Volgens mij zien ze aan mijn gezicht dat Theo daar niet gelukkig van wordt. Helemaal niet gelukkig. Dus bellen ze na of ik ergens mijn tentje op mag zetten. Na het eten krijg ik te horen dat ik mjn tentje in de tuin van de ouders van de serveerster mag opzetten. Maar ik ka er niet naar de toilet of douchen. Nou dat maakt me helemaal niet uit, de enige die me ruikt en ik zelf, en als ik maar een plaats heb om te slapen. Dus de helling die ik al eerder genomen heb (op mijn laatste restje energie), fiets ik weer naar beneden. Bj de ouders aangekomen zijn de mensen reuze aardig. Ze helpen mijn fiets, bagage en kar mee naar boven te sjouwen. (De tuin ligt ongeveer drie meter boven straatniveau), geven me een kopje koffie, en vragen of ik naar de toilet wil? Ook kijken me mee warrig aan van: “Wat een malloot om met de hond in het karretje naar Spanje te willen fietsen”. En die blik herken ik direct. Die zie ik elke dag in de spiegel als ik uitgeput op de camping aankom. Nog even Gaea uitlaten en slapen, ik wil morgenvroeg rond 6 uur op de fiets zitten.

3 antwoorden op “Dag 5 en 6 De eerste rit door de noorderlijke Ardennen.”

  1. Wat weer een geweldig verhaal Theo, heerlijk om zo met je mee te reizen. Neus omhoog (en dicht) en door!
    Liefs,
    Annemieke

  2. Leuk die contacten onderweg. Grappig dat je in de tuin kunt kamperen.
    Slaap lekker.

    Groetjes Karin

  3. Wat kun je ontzettend leuk en beeldend schrijven Theo! Daar moet je iets mee doen….wat een avontuur weer. Never a dull moment!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *