Lekker in de schaduw, even bloggen terwijl de was droogt

Bloggen blijft lastig. In het achterland van Frankrijk is de dekking van 3G, laat staan 4G erbarmelijk slecht. Ook op de campings municipal waar ik meestal verblijf hebben vaak geen internet. Dus dan moet het maar op momenten dat de computer het niet laat afweten en er internet is.

Vandaag, vrijdag 17 augustus, een extra dag genomen op de camping om verder aan de blog te werken. Maar

Zaterdag 28 juli:

08.00 uur: Tijd om te vertrekken. Alle tassen zijn ingeruimd, binnentent zit in de zak. Alleen nog de buitentent afbreken en dan ga ik op weg.

Terwijl ik de eerste haring eruit haal, komt er een bui. Dus vlug de tent in en wachten tot het droog is. Ik ben dan wel niet van suiker en zal zeer waarschijnlijk dus niet smelten, maar liever voorzichtig dan gesmolten. En daarbij ik ben toch al geen ochtendmens, en dan in de regen vertrekken. Nou, dat zijn de druppels die de emmer doen overlopen, dus wacht ik wel even. Dan fiets ik vandaag maar wat langer door.

Zodra de regen stopt, hoor ik een bons, gekreun, en een paar minuten later wordt de ambulance gebeld. Schijnbaar is een man in zijn camper gevallen, en heeft zich flink geblesseerd. Na een half uurtje komt de ambulance. Ze zijn nog een kwartiertje bezig met puzzelen hoe ze de man uit de camper krijgen, want ze willen hem stabiel op de brancard hebben liggen, en er is weinig ruimte om te manoeuvreren. Maar uiteindelijk lukt het toch met wat kunst en vliegwerk om hem uit de camper te krijgen. Nog even overhevelen op een andere brancard en daar gaan ze.

Ondertussen vertrekt ook een gezin met 2 kinderen, die de weg naar Santiago lopen. De kinderen en hun bepakking op de ezel, moeder met de rugzak en vader met de kar achter zich. Du eigenlijk moeder, 2 kinderen en drie pakezels. Zo zie maar: Kinderen geen bezwaar voor de Camino.

Nu kan ik zelf ook vertrekken. De tent is nat, het miezert nog, dus tent achter op de hondenkar om te drogen en de stoel in de zak achterop de fietd. Die ga ik vandaag toch niet gebruiken.De temperatuur is rond de 24 graden en het is bewolkt ,dus mooi weer om een flinke afstand te fietsen. Mijn MIO doet het niet, dus probeer ik de route via het boekje terug te volgen. En dat valt niet mee Op een zeker ogenblik sta ik in de middle of nowhere, en weet bij God niet welke kant op. Dus Google komt als geroepen. Deze stuurt me naar het zuiden, naar het noorden, naar het oosten en alles loopt dood. Ik denk bij mezelf hoe kan dat nou? Het duurt even, maar dan besef ik dat ik steeds onder electriciteismasten fiets, dus dat de positeibepaling niet helemaal het je van het is. Dan maar op de oude wijze: De weg aan andere mensen vragen. Gelukkig komen er twee mannen aan. Ze geven beiden een andere richting aan, maar een ervan zegt dat hij de route vaker met de fiets fietst, dus ik ga ervan uit dat deze weet waar hij het over heeft. En dat blijkt te kloppen. Het wordt 7 km klimmen, terwijl de temperatuur weer aanzienlijktoeneemt, maar dan ben je uiteindelijk toch weer op de juiste weg.

Ik fiets nog wat campings voorbij omdat ik het te vroeg vind, en uiteindelijk kom ik rond 4 uur in Martel aan. Mijn water is op, dus een terrasje nemen en een glas cola. Het is goed koud en oud. Prik zit er volgens mij al een hele tijd niet meer in, en dat voor het schamele bedrag van € 3,50. Voor dat bedrag moet je natuurlijk ook niet te veel verwachten!

Nu nog de weg zoeken. Bij de tweede mislukte poging, ga ik een erg steile helling af, waar ik terug niet tegenop kan fietsen. Dus duwen maar. Een paar meter, even bijkomen, en dan weer een paar meter. En gaat het opeens een stuk lichter. Een Zweed zag me zwoegen, en dacht waarschijnlijk: Dat gaat die oude man niet redden en hij belsloot de kar mee de helling op te duwen. Boven aangekomen, kijk ik toch op Google hoe ik het beste naar de dichtstbijzijnde camping kan fietsen. Dat is een camping die nog ongeveer 20 km verderop ligt. Ondertussen is het weer erg warm, zeg maar heet geworden: 34 graden. Er komen nog wat klimmen aan. Dus dat wordt afzien. Op dat soort momenten is een fietsvakantie toch even ietsje minder.

Maar om half acht, na een paar hellingen van 10 % en meer waar Gaea uit de kar moest en ik toch moest lopen, komen we op de camping Domaine La Chapelle en Correze aan. Het is de moeite waard. De Nederlandse eigenaren zijn erg vriendelijk, de camping was klein, maar erg verzorgd, het eten was erg lekker en het uitzicht op het terras was adembenemend. Dus de ontberingen onderweg dubbel en dwars waard.

Na het eten nog even gesproken met mijn buurman. De buren waren van Rotterdam naar Duitsland verhuisd. Ze voelden zich niet meer thuis is Rotterdam. In de wijk waar ze tientallen jaren met veel plezier gewoond hadden, werd nog nauwelijks Nederlands gesproken. Dus zijn ze verhuisd naar Duitsland. (Dan wordt je je toch weer bewust van de problematiek in de Rotterdamse wijken, maar ook waarom de mensen daar PVV stemmen. (Hoezeer ik ook tegen polarisatie ben.) Zijn vrouw had daarvoor Gaea geknuffeld omdat hun kort overleden was, en ze hem nog dagelijks miste. Zij had 38 jaar ervoor een hersenbloeding gehad, en kon erg moeilijk met prikkels omgaan, was vaak erg moe en kon ondanks dat ze zeker niet dom was, sommige basale dingen niet georganiseerd krijgen. Het was een mooi gesprek, maar erg dichtbij en heel herkenbaar.

Zondag 29 juli:

Vanmorgen op tijd opgestaan, want ik wil vandaag een beetje de hitte voor zijn. Dus om breek ik om8 uur de tent af en ga naar de bar om het bestelde brood op te halen. De eigenaar biedt me een kopje koffie aan, waarna we nog een leuk gesprek hebben over de start van hun camping. Na het gesprekje en de kop koffie, krijg ik nog een paar plakjes kaas mee voor onderweg, gevolgd door een banaan. Nu lust ik geen bananen, maar ik had me al voorgenomen om er toch een te proberen om te kijken of ik ze kan gaan  waarderen onderweg; Ze zijn wel een snelle en goede bron van energie. Dus bedank ik hem en accepteer de banaan. Nou die komt onderweg wel van pas. (Gelukkig ruikt, of stinkt deze banaan niet zoals de bananen in Nederland. Dus pak ik mijn IPhone en leg deze historische gebeurtenis vastgelegd voor mijn ega en mijn nageslacht.

Het eerste stuk naar Brive gaat voorspoedig, dus vandaag een flinke afstand fietsen lijkt tot de mogelijkheden te behoren. Brive uit is een ander verhaal. Een steil stuk!!!!! Zo steil dat ik om de 20 meter stop om op adem te komen, en om daarna weer in de laagste versnelling de weg te vervolgen. Omdat het al erg heet was, vind ik het niet zo’n goed idee om Gaea op het asfalt te laten lopen. Dus terwijl zij ontspannen in het karretje zit, ploeter ik verder.

Als de helling nog steiler wordt, wordt het tijd voor een stevige stoot energie, die het liefst niet zo lang op zich laat wachten. Dus de banaan komt te voorschijn en wordt onder toezicht van de camera verslonden. (Anders geloven Irma, Bob en Elke nooit dat ik een banaan gegeten heb!).

Boven aangekomen, denk ik: “Het ergste stuk is achter de rug.” Nou nee, zo liggen er nog een paar in het verschiet. En ik merk dat het gesprek van gisteravond ook zijn tol begint eisen. Dus als ik om 14.30 uur aankom op de camping in Donzac, heb ik geen puf meer om met 38 graden een helling van 7 % te nemen, gevolgd door een helling van 5 km en gemiddeld 5 %. Dus ga ik de camping op om een plaatsje te zoeken, morgen weer een dag.

Maandag 30 juli:

Vandaag begin ik met klimmen. Dus stap ik op de fiets om half negen en rijdt met volle bepakking en Gaea in de kar naar de Intermarché, die tegenover de camping staat. Omdat Gaea in de kar zit, haast ik me, om zo snel mogelijk de boodschappen te doen. Nadat ik enige tijd in de rij heb gestaan, en aan de beurt ben, besef ik dat ik het brood vergeten ben, dus uit de rij en brood zoeken.

Nadat ik het brood gehaald heb, sta ik weer onrustig in de rij. Zodra ik aan de beurt ben, betaal ik en lad de boodschappen zo snel mogelijk in de tas. En daarna terug naar de fiets en Gaea. Die er gelukkig beiden nog zijn.

Dus op de fiets en ik begin aan de eerste steile klim. Dus na een derde van de helling: Gaea moet Gaea uit de kar en moet meelopen. Na nog een derde, staan we stil om water te drinken, en dat doen we nog een keer voor we boven in het centrum van Donzac zijn. En dat voor een klimmetje van maar 700 meter lengte.

Boven aangekomen, gaat Gaea weer de kar in, want nu volgt een afdaling. Gaea kan dan het tempo toch niet bijhouden en bovendien kan ze lekker afkoelen bij de frisse wind. En daarna gaat de helling van 5 km á gemiddeld 5 % komen. Omdat er ook korte vlakke stukjes zijn, en stukjes die minder steil zijn, kun je raden wat dat betekent voor de rest van de klim.

Na een paar kilometer is het tijd voor een drink- en eetpauze. Dus Gaea uit de kar, stoel uitpakken, brood pakken en de koffiekan voor een welverdiende kop koffie. Dan bedenk ik me dat ik Irma nog even moet laten weten dat ik vertrokken ben. Dus ik grijp in mijn stuurtas, maar besef me dat berichtje sturen naar Irma lastig wordt zonder telefoon.  Deze zit namelijk niet in mijn tas.

De enige plaats waar deze kan zijn achtergebleven is in de Intermarché. Hopelijk heeft een eerlijke vinder de telefoon vonden en afgegeven. Dus op de fiets, de helling af, die ik na veel moeite al genomen heb, dan de helling op, waar ik daarvoor vanaf zoefte omdat deze lekker steil was, en daarna de helling van 700 meter af, die ik daarvoor in drie etappes deed. En nu deed ik het met gemak in een keer.

Bij de Intermarché aangekomen, vraag ik naar mijn telefoon. En ja, ze hebben hem gevonden. PFffft, dat is mazzel.

De spanning maakt dat ik me niet in staat voel om deze dag opnieuw de hellingen op een verantwoorde wijze te nemen. Ben wat wankel ter been en voel een waas over me heen komen. De adrenaline is waarschijnlijk uitgewerkt, en nu komt de vermoeidheid. Dus neem ik voor die dag de beslissing, om de weg over te steken en terug te gaan naar de camping. Morgen weer een dag.

Dinsdag 31 juli:

Vandaag sta ik op tijd op. Ik breek mijn tent af, zet koffie voor onderweg en haal om 08.30 uurhet brood op bij de receptie. Het is bewolkt, de temperatuur is aangenaam om te fietsen, dus ik ga vol goede moed op weg.

Opnieuw de helling van 7%, steile afdaling gevolgd door de klim van 5 km van gemiddeld 5 %. Maar omdat het lekker koel is, kan Gaea lekker vaak uit de kar om mee te lopen. Ook lijkt het fietsen vandaag gemakkelijk te gaan. Dus als ik om 12.30 uur ga pauzeren en Irma app dat het nog maar 20 km is naar Uzerche, verwacht ik er rond drie uur te zijn. Dat had ik gedacht.

Na mijn pauze stijgt de temperatuur aanzienlijk evenals het aantal beklimmingen die ik moet nemen. Dus drie uur wotrd half vijf. Het is even zoeken naar de camping waardoor ik een extra klim van 2 km á 7% als toegift krijg op het einde van de dag. Maar ja, alles voor de slanke lijn.

De camping ligt beneden in het dal, dus dat wordt morgen als eerste weer klimmen om het dal uit te komen. Maar het ligt heerlijk onder schaduw van bomen aan een riviertje, met uitzicht op de oude stad die boven tegen de berg aanligt. De winkels zijn gesloten, dus dat wordt vandaag een noodrantsoen eten. Maar ook deze smaakt niet slecht.

Omstreeks acht uur maken Gaea en ik een wandeling. Eerst langs de rivier, daarna het oude stadje in. Wat heerlijk, nog niet bedorven door toerisme. Gewoon een oud centrum, waar de mensen op een pleintje bijeenkomen om wat te eten en te drinken.

Om de sfeer te proeven, en wat ik erg belangrijk vind, contact met de locals te krijgen, neem ik een koud biertje. Die smaakt erg goed. Ondertussen vragen de Fransen hoe oud Gaea is, want ze moet toch wel oud zijn om zo rustig naast me te blijven liggen en ik denk: “Gewoon goed opgevoed”.

Voordat we naar de tent terug gaan, haal ik een ijsje voor mezelf en een half bolletje ijs voor Gaea. Het ijs is heerlijk, maar ik weet niet wie het meest geniet: Gaea of ik? Enfin, ijs op, terug naar de tent, tanden poetsen en slapen. Morgen gaan we weer op weg. Te beginnen met een stevige klim.

Woensdag 1 augustus:

Vandaag fiets ik naar Saint Germain les Belles. Het is weer wat warmer dan gistermiddag, maar morgen is het volgens de weersverwachting nog warmer. Omdat de tent in de schaduw stond, bleef het lang donker in mijn tent, en dat helpt mij niet bij het opstaan. Ik heb ’s morgens echt licht nodig. Veel licht!!!!!!

Maar uiteindelijk vertrek ik om kwart over tien. Zodra ik onder de bomen uitkom, komt de warmte je tegemoet. Het is al snel zo warm, dat Gaea met het coolvest in de kar moet blijven, en we regelmatig onder de bomen verpozen om bij te komen van de warmte. Maar uiteindelijk rond half vier bereiken we Saint Germain les Belles. Er zijn twee campings. Een ervan met lovende kritieken over de vriendelijkheid van de eigenaren, en eentje met vervelende kritieken over de mannelijke helft van de eigenaren. En dan ga ik voor vriendelijkheid! Alleen moet ik voor deze camping nog een stevige helling nemen, terwijl ik al voor de andere sta.

Echter vriendelijkheid vind ik wel gewenst, dus puffend, hijgend en af en toe pauzerend neem ik de klim naar het dorp. In het dorpje is een kleine kruidenier, dus maar meteen boodschappen inslaan, dan heb ik vanavond weer een verse maaltijd. Terwijl ik de boodschappen doe, wordt onze diva weer aan alle kanten bewonderd. “Ze zit zo parmantig in de kar! Ze blaft niet! (Bij Franse honden ontbreekt schijnbaar de uitknop.) Wat is ze mooi. Wat is ze lief.” En zo gaat het maar door. Je zou er jaloers van worden.

Na de boodschappen nog eenmaal de hitte trotseren om de gewenst camping te bereiken. Zodra ik bij het bord van de camping sta, zie ik :”FERME 2018″. en ik denk sh%$%$^%&^%t etc etc. Maar ik denk ik ga het toch proberen, niet geschoten is altijd mis, en terugfietsen moet ik anders toch. Zo gedacht, zo gedaan. Ik fiets de camping op, en de eigenaresse komt me tegemoet, door omstandigheden moesten ze de camping sluiten. Nu blijkt haar mand had last van een hernia, de aannemer had het halve woonhuis in laten storten, waardoor ze nu in een van de twee caravans op het terrein woonden, ze hadden geen stromend water door de verbouwing die niet was gegaan zoals toegezegd. (Een halve buitenmuren hadden op instorten gestaan, door onbenulligheid van de onderaannemer.) en de eigenaresse was noodgedwongen weer als ergotherapeut gaan werken met een reisafstand van 180 km per dag. Dus helaas.

Wel kreeg ik een heerlijk glas koud drinken aangeboden en een nog heerlijkere zelfgebakken pruimentaart, een tip voor verder onderzoek om de gevolgen van een beroerte  brengen. Ik heb het meteen aan Irma doorgegeven, want ik kan het niet overzien, en zij gelukkig wel.

Maar aan alle goede dingen komt een eind, dus ook aan ons gesprek, en ik stap op de fiets naar de tweede camping. De eigenaar is wat afstandelijk, maar ik krijg een mooie plaats pal in de zon (En het is nog steeds 37 graden.). Dus tent opzetten, terwijl Gaea bij de buren onder de struik gaat liggen, en daarna in de zelf gecreeerde schaduw lekker genieten van het koude drankje dat ik gekocht heb bij de plaatselijke supermarkt.

Als de zon achter de horizon is, is het tijd om met Gaea lekker een rondje te lopen om het meer. En daarna lekker te slapen.

Donderdag 2 augustus:

Om half tien vertrekken we richting Saint  Leonard des Nobles. Een dag zoals velen. Opnieuw de steile helling van het dorp beklimmen, en daarna heerlijk fietsend met een temperatuurtje van 34 graden naar Saint Leonard des Nobles. Ook vandaag de nodige meters die ik moet overwinnen en dat in de palle zon. Maar uiteindelijk kom ik om twee uur ’s middags aan op de camping.

Je kunt er wat drinken kopen, een diepvriesmaaltijd uit de magnetron nuttigen en je koelelementen in de diepvries laten bevriezen. Omdat de camping erg ver van het centrum ligt, en het erg warm is, besluit ik om er niet heen te lopen, maar gewoon lekker in de schaduw van de bomen te relaxen in mijn stoel. Morgen weer een dag.

 

 

 

3 antwoorden op “Lekker in de schaduw, even bloggen terwijl de was droogt”

  1. Hoi Theo! Was erg gezellig vanavond een hapje te eten met jou en je dochter 😀 Vette blog ook, ga de berichten binnenkort met een regenachtige dag ofzo zeker ff lezen 😉 Ik ben te volgen via Instagram als je zoekt op bertohaven. Goeie reis(zen)! Groet, Berto

  2. Eindelijk, bijna anderhalf jaar na de start van het project, staan alle lichten op groen: lekker weer, veel tijd, teveel wind om te gaan vliegen, zin om naar buiten te gaan en beiden in goede gezondheid. We pakken ons boeltje en vertrekken vanuit Fumay de bossen in! We kiezen ervoor om twee wandelingen van Visorando met elkaar te combineren en wat blijkt: het is een schot in de roos. Op de eerste dag komen we tegen. Niemand. Alleen op de officiele picknickplek aan het begin van de wandeling en onderweg als we een dorpje passeren zien we enkele mensen, maar op de wandelpaden zien we niemand. Geen mountainbikers, geen mensen die hun hond uitlaten, geen andere toeristen zoals wij. Heerlijk! Wat we wel zien zijn de dreigende wolken die steeds dichterbij komen, en de weersvoorspelling en buienradar die tonen dat het aan het eind van de dag flink kan gaan onweren. Tegen 17:00 uur begint het te druppelen. We hebben onze wandeling erop afgestemd en arriveren net op de plek waar we hoopten een mooi horizontaal kamp te kunnen opslaan. De tent heeft Lode alleen nog op foto’s gezien (ik heb er steeds aan geknutseld als hij niet thuis was) maar binnen enkele minuten staat die naar tevredenheid. We sprokkelen snel wat hout en leggen het droog in de tent. Als het straks stopt met regenen kunnen we tenminste nog een vuurtje maken! Lode neemt de proef op de som en maakt alvast een kampvuurtje terwijl het al regent. En als het eenmaal gaande is, dooft het niet snel meer. Geweldig!

    1. Hallo Maja,
      Hopelijk genoten van je tocht. Dapper om in winterse omstandigheden te gaan wandelen en kamperen. Dat vind ik echt afzien.
      Hopelijk beiden gezond en kunnen jullie plannen voor de zomer doorgaan.

      Blijf gezond en keep on going!?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *